Het Proxipi ProZone gevarenzone bewakingssysteem van Inrato International uit Dalfsen is officieel gecertificeerd volgens de norm EN ISO 13849-1. Gebruikers weten dankzij deze gecertificeerde oplossing voor opvoerbandbeveiliging, dat zij voldoen aan alle huidige wet- en regelgeving. Het ProZone veiligheidssysteem voorkomt met een badge voor werknemers en een detectieveld bij machines levensbedreigende ongelukken. De medewerker draagt een operatorbadge die een onschadelijk elektronisch veiligheidsschild rondom de persoon genereert, het operatorveld. De gevaarlijke (machine)zones zijn uitgerust met een antenne, waardoor een detectieveld ontstaat. Zodra de onzichtbare velden van medewerker en machine elkaar ’raken’, wordt er alarm geslagen en stopt de machine. Verticale balenpersen Vooral voor verticale balenpersen zijn de veiligheidsvoorschriften behoorlijk aangescherpt. Alleen een CE-markering en een Verklaring van Overeenstemming is niet meer voldoende. Ze moeten ook voldoen aan de norm EN 16252:2013. Dit is een norm voor ontwerp, fabricage en veilig gebruik van deze persen. Deze ‘C-norm’ beschrijft duidelijk de veiligheidsvoorzieningen van verticale balenpersen, die vanuit de norm EN ISO 13849-1 Performance Level (PL) categorie c moeten hebben. Opvoerbanden dienen volgens deze norm voorzien te zijn van een gecertificeerd elektronisch beveiligingssysteem dat personen detecteert op de opvoerband zodat de machine automatisch stopt middels een noodstop. Het ProZone beveiligingssysteem voldoet aan al deze gestelde eisen. Hoe werkt het? Hoe het werkt? Op de pers of shredder wordt per opvoerband een antenne geplaatst zodat de detectie- en gevarenzone elkaar op een juiste wijze overlappen. Personen die in en rondom de pers werken, dragen een operatorbadge die elke dag wordt opgeladen. De operator haalt aan het begin van zijn dienst de operatorbadge van de lader, die automatisch een zelftest uitvoert. Daarna kan hij minimaal twee ploegen werken zonder opladen en geeft een signaal als de accu leeg raakt. Omdat de badge niet is uit te schakelen, is de medewerker altijd beveiligd. De operatorbadge wordt zichtbaar gedragen met het nekkoord, de clip of in een badgehouder. Mocht de medewerker onverhoopt op de opvoerband terechtkomen, dan komt de badge in het bereik van de gevarenzone en volgt een noodstop. Pas als de persoon vervolgens zich niet meer in de gevarenzone bevindt dan kan de machine weer opnieuw gestart worden.