Alles over processing en handling van droge stoffen, stortgoed, bulk

SolidsProcessing.nl
Zoeken

       

       

Blijf op de hoogte!

Blijf op de hoogte!
Lees de maandelijke nieuwsbrief.

Uw adres wordt nooit aan derden doorgegeven.
Lees onze privacyverklaring.

Solids Processing nummer 6

Hieronder vindt u een overzicht van de artikelen verschenen in nummer 6 van 2014.
Via de lijst hieronder kunt u het artikel als pdf downloaden. Klik op de cover hiernaast om het gehele blad als bladerversie te openen.

In dit nummer: Resultaten van de grote Solids-enquête, meer opslagcapaciteit bij Alldra, nieuwe weegbruggen bij DOK, polyurethaan tegen slijtageproblemen, hoe ziet de operator van de toekomst er uit, bio-kunststoffen uit afvalwater, nieuwe cyber security standaard, tril

Verschenen: 09-12-2014

Neem contact op met de redactie

 
Lees dit artikel
pag. 28

Veiligheid en productie-effiiency belangrijk in solidsmarkt

Resultaat grote Solids Benelux Enquête Dit najaar is door dit vakblad, Solids Processing, samen met easyFairs, organisator van de Europese Solids-beurzen, een enquête gehouden in de markt voor stortgoed. Dit is de tweede keer; de eerste enquête was in 2012. Ook nu is aan bezoekers van de beurs Solids, Nederlands en Belgisch, en de lezers van dit blad digitaal een vragenlijst voorgelegd. Het doel daarvan was te achterhalen waarmee men zich bezighoudt en welke onderwerpen actueel zijn. Het onderzoek richtte zich op bedrijven die actief zijn in de verwerking, transport en opslag van droge stoffen ofwel stortgoed. U zult zichzelf als lezer hoogstwaarschijnlijk hierin herkennen, want u maakt in feite deel uit van de onderzochte groep. In dit artikel vindt u een weergave van de belangrijkste resultaten.

In totaal zijn er 247 respondenten die de gehele vragenlijst hebben ingevuld. Er hebben ook leveranciers van apparatuur en diensten voor de solidsbranche meegedaan, maar die resultaten laten we in dit artikel buiten beschouwing. Daarmee blijven er 156 respondenten over, waarmee we statistisch gezien deze resultaten als redelijk representatief kunnen beschouwen voor de sector. 44 procent is uit België afkomstig, 56 procent uit Nederland. Hiermee is België oververtegenwoordigd. De antwoorden op de diverse vragen blijken echter weinig relevante verschillen te vertonen wanneer de landen met elkaar worden vergeleken, zodat dit verder geen rol speelt.
Lees dit artikel
pag. 32

Biokunststoffen uit Brussels afvalwater

Evolia zoekt ketenpartners De ontwikkeling van een technologie voor de microbiële productie van biopolymeren uit afvalwater in een pilotinstallatie bij het Brusselse waterzuiveringsbedrijf Aquiris past binnen een duurzame kringloopeconomie. Belangrijk is wel dat de keten gesloten wordt door bedrijven die het opgehoopte PHA extraheren en verwerken tot granulaat. “Aquiris gaat dit zelf niet doen”, benadrukt directeur techniek en operatie Stéphane Déléris. Moederbedrijf Evolia zoekt daarom ketenpartners.

“Poly Hydroxy Alkanoaat, ofwel PHA, is niet nieuw”, vertelt Stéphane Déléris. “Maar uniek is wel dat in de pilotinstallatie gemeentelijk afvalwater als grondstof wordt gebruikt voor het fermentatieproces.” Geselecteerde micro-organismen, van nature aanwezig in afvalwater, hebben onder specifike condities het vermogen om uit slib PHA polymeer te vormen en dat op te slaan. Het doel van de Brusselse pilotinstallatie, met een productiecapaciteit van 5 tot 10 kilo gedroogd slib met 50 tot 70 procent PHA, is het opschalen van kleinschalig laboratoriumonderzoek naar het extraheren van PHA uit afvalwater.
Een belangrijk aandachtspunt is het optimaliseren van het volledige productieproces, zodat de opbrengst zo hoog mogelijk wordt. De installatie, die 24 uur per dag, 7 dagen per week operationeel is, is gekoppeld aan de waterzuiveringsinstallatie van Aquiris, maar heeft gezien haar omvang geen effect op het waterzuiveringsproces. Deze zuivering vindt plaats door middel van de klassieke aerobe bacteriologische technologie in grote bezinktanks, waarbij slib en water van elkaar worden gescheiden. Het water wordt geloosd in de rivier de Zenne voor verdere natuurlijke zuivering.
Lees dit artikel
pag. 34

Deventer Overslag Kombinatie investeert in sneller laadproces

Overleven in de wereld van grootschalige op- en overslag De grootschaligheid in de op- en overslag neemt steeds meer toe. Zonder mogelijkheden tot uitbreiding geen toekomstkansen, luidt het credo. Toch blijft een relatief kleine speler als de Deventer Overslag Kombinatie (DOK) makkelijk overeind. Sterker nog, de groei neemt al jaren flnk toe, dankzij een focus op overslag in combinatie met korte opslag. Directeur Gerrit de Winter: “Een snel laadproces van vrachtwagens is bij ons bedrijf extra belangrijk. De investering in twee nieuwe volautomatische weegbruggen betekent dan ook niet alleen meer overzicht, maar vooral ook tijdwinst voor onze klanten.”

De cijfers verrassen. De Deventer Overslag Kombinatie realiseerde maar liefst 330.000 ton overslag in 2013. En in 2014 verwacht het bedrijf zelfs de 350.000 ton te halen. “Onze bedrijfsoppervlakte van een hectare is gering in relatie tot de grote spelers in op- en overslag. We moeten het dus hebben van veel klanten en snelle doorlooptijden”, licht directeur Gerrit de Winter toe. De Deventer Overslag Kombinatie slaat hoofdzakelijk agrarische grondstoffen over voor regionale diervoederproducenten en internationaal opererende handelaren. Denk daarbij onder meer aan granen als maïs, tarwe en gerst, en aan diverse soorten derivaten, waaronder soja en palmpitschilfers. Daarnaast verzorgt het bedrijf de op- en overslag van een aanzienlijke hoeveelheid kunstmest en strooizout. Diervoederproducenten, in zowel binnenals buitenland, leveren hun overzeese agrarische grondstoffen per schip aan. Na opslag van gemiddeld tien dagen vindt de afvoer per vrachtwagen plaats.
Lees dit artikel
pag. 42

Impuls voor MVO in procesindustrie

Directeur Willem Lageweg van MVO Nederland over maatschappelijk verantwoord ondernemen “We willen een impuls geven aan de procesindustrie en specifik aan de chemie voor wat betreft maatschappelijk verantwoord ondernemen.” Aan het woord is Willem Lageweg, directeur/bestuurder van MVO Nederland, een kennis- en netwerkorganisatie op het gebied van maatschappelijk verantwoord en duurzaam ondernemen met 2.100 aangesloten bedrijven in alle soorten en maten: groot en klein, koploper en beginner en afkomstig vanuit allerlei sectoren.

Wat houdt MVO, maatschappelijk verantwoord ondernemen, precies in? “Het is eigenlijk een combinatie van people, planet en profi, ofwel PPP, legt Willem Lageweg uit. “Je mag in de 21e eeuw, van bedrijven verwachten dat ze bij het ondernemen op deze drie thema’s sturen en daar ook echt resultaat op boeken. Zeker als je het hebt over de procesindustrie en de chemie.”
De oude opvatting over ondernemen ging meestal niet verder dan geld verdienen en zorgen dat de aandeelhouders van een bedrijf daar beter van worden. “Maar volgens de hedendaagse opvattingen is dat veel te simpel. Het gaat ook om het welbevinden van het personeel, om arbeidsomstandigheden, om een leefbaar loon voor iedereen in de keten en ook om waar je je grondstoffen vandaan haalt. Daarbij moet bovendien rekening worden gehouden met het milieu, in al zijn aspecten. En uiteindelijk gaat het natuurlijk ook nog steeds om de winst. Die gebieden moeten met elkaar in balans zijn, waarbij een ondernemer stuurt, resultaten laat zien en verantwoording aflgt aan de samenleving.
Lees dit artikel
pag. 44

Polyurethaan breed inzetbaar bij slijtageproblemen

Impactslijtage bij transport van bulkproducten Overal waar bulkmateriaal in beweging is, doet zich slijtage voor. De mate is afhankelijk van de hoeveelheden en de abrasiviteit van het product. In de zware bulkindustrie is slijtage aan de staaldelen van een installatie aan de orde van de dag. Er zijn diverse producten op de markt om deze slijtage te verminderen, zoals rubber, keramiek, staal, polyethyleen en polyurethaan. Geen enkel product gaat echter alle vormen van slijtage tegen en soms is een combinatie van materialen nodig. Polyurethaan biedt een grote mate van flxibiliteit in toepassingen en kan voor de meeste slijtageproblemen een oplossing zijn, met name voor impactslijtage. Daarvoor is wel eerst een goede analyse nodig van de situatie.

Slijtage ontstaat door het bewegen van het product: storten, glijden, zakken en vallen. Dat zien we onder andere bij grondstoffeninnamebunkers, vrijevalmengers, weegbunkers en glijgoten. De meest ernstige vorm van slijtage vindt echter plaats bij productoverstortpunten, waarbij een productstroom altijd op dezelfde plaats en onder een bepaalde hoek tegen een wand terechtkomt. Een veelvoorkomende situatie is die waarbij het product van een transportband in een trechter terechtkomt en vervolgens de silo ingaat of op een andere transportband verder wordt getransporteerd. Deze zogeheten impactslijtage is zonder de juiste maatregelen uiterst kostenintensief. Daarom focussen we hierna op deze vorm van slijtage.
Lees dit artikel
pag. 54

Softwarevernuft schroeft recyclingprestaties op

Van afval naar grondstof: ‘urban mining’ met de muis De kwaliteit van gerecyclede afvalstromen staat hoog op de agenda, op de weg naar de circulaire economie. Hoe beter de recyclingprestatie, des te meer toepassingen er in beeld zijn voor het ‘afvalproduct’ en, niet onbelangrijk, des te hoger de opbrengst van de hernieuwde grondstoffen. ICT kan helpen bij het behalen van de optimale recyclingkwaliteit. Daarvoor nemen we een kijkje in de keuken van Decistor. Volgens het jonge bedrijf is de ontwikkelde technologie ook prima bruikbaar voor gemengde bulkstromen.

In de onderzoekshal van de faculteit Civiele Techniek en Geowetenschappen (CiTG) van de TU Delft staat een allegaartje van vreemd ogende ‘delfstoffen’. Grote big bags, bakken en potjes zijn gevuld met korrels en brokjes zand en steen, maar ook met kleurrijker materiaal. Op een vide zijn drie onderzoekers druk in de weer bij twee blauwwitte apparaten met een rond gat in het midden. De tafel ernaast is beladen met computers en beeldschermen, naast wederom tal van potjes en bakjes met korrels van verschillende grootte.
Het is het lab van de vakgroep van hoogleraar Resource Engineering Peter Rem. Zijn specialisme is ‘urban mining’, het terugwinnen van nuttige grondstoffen uit een hedendaagse mijnbouwkundige variant, namelijk afval. Een van de onderzoekers laat telkens een brokje afval in het gat van het apparaat vallen. Een vonk en een lichtflts later staan de exacte eigenschappen van het stukje afval op de monitor. Het apparaat heet een particle characterization device (PCD).
 
 .
 .
 .